Domeinnaamrecht  

IEF 1069

Grievenstelsel

Hoge Raad, 14 oktober 2005, LJN:AT/830, nr. C04/166/HR Eurol B.V. tegen Eurochemie Beheer B.V. en Eurochemie B.V.

Opnieuw een lezenswaardige IE-arrest van de Hoge Raad waarin ook procesrechtelijke interessante aspecten aan bod komen. Eurol is een bedrijf dat sinds 1977 onder de handelsnaam EUROL smeermiddelen produceert en verkoopt. Eurol is rechthebbende van het Benelux woordmerk Eurol, daarnaast gebruikt zij het teken EUROL LUBRICANTS als onderscheidingsteken. Daarnaast heeft zij op 23 september 1997 de domeinnaam www.eurol.nl en op 15 september 2003  de domeinnaam www.eurollubricants.com aangevraagd.

Op basis van haar handelsnaam- en merkrechten is Eurol in kortgeding opgekomen tegen het gebruik van de naam EURO LUBRICANTS voor smeermiddelen en het gebruik van de domeinnaam www.eurolubricants.com door Eurochemie.

Eurol wint het kort geding in eerste aanleg. Tegen dit vonnis heeft Eurochemie met succes hoger beroep ingesteld bij het Gerechtshof te Arnhem. Het Hof heeft bij arrest van 23 maart 2004 in appel en in het incidenteel appel het vonnis van de voorzieningenrechter vernietigd en de vorderingen van Eurol alsnog afgewezen. Het Hof heeft geoordeeld dat Eurol onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt, dat zij de aanduiding EUROL LUBRICANTS al gebruikte voordat Eurochemie in december 2000 met het gebruik van teken EURO LUBRICANTS begon. Bovendien heeft het Hof geoordeeld dat er geen sprake is van verwarringsgevaar tussen het merk Eurol en het teken EURO LUBRICANTS.

Eurochemie heeft in hoger beroep een onderzoeksrapport overgelegd, dat aantoonde dat de foto’s die Eurol in eerste aanleg had overgelegd, waren bewerkt. Met deze foto’s trachtte Eurol aan te tonen dat zij eerder het teken EUROL LUBRICANTS gebruikte dan Eurochemie. In hoger beroep heeft Eurol nieuwe producties in het geding gebracht die zouden moeten aantonen dat zij het teken EUROL LUBRICANTS al gebruikte sedert 1998. Het Hof is aan deze laatste producties voorbijgegaan omdat Eurol deze pas bij memorie van antwoord in het geding had gebracht. Eurol heeft tegen dit oordeel van het Hof verschillende cassatiemiddelen opgeworpen.

Deze komen kort gezegd er op neer dat het Hof ten onrechte heeft vastgesteld dat “nu die producties pas bij memorie van antwoord waren overgelegd en Eurochemie daarop niet meer behoefde te reageren en zij dat ook niet gedaan had, het Hof in dit geding niet kon uitgaan van de juistheid van die producties”. De Hoge Raad maakt korte metten met dit standpunt: “bij deze stand van zaken heeft het Hof, nu het hier om een kort geding ging, niet blijk gegeven van een onjuiste rechtsopvatting door te oordelen dat het niet kon uitgaan van de juistheid van deze producties en dat Eurol daarom voorshands onvoldoende aannemelijk had gemaakt, dat zij EUROL LUBRICANTS al gebruikte voordat Eurochemie in december 2000 een aanvang maakte met het gebruik van het teken EURO LUBRICANTS”.

Ook de cassatiemiddelen, die gericht zijn tegen de vaststelling van het Hof dat niet is komen vast te staan dat Eurol de aanduiding EUROL LUBRICANTS gebruikte voor december 2000, falen.

Wel behaalt Eurol succes met haar cassatiemiddel tegen de verwerping van het Hof van de stelling van Eurol dat het hoger beroep van Eurochemie beperkt was tot de merkenrechtelijke grondslag. Het Hof heeft deze stelling verworpen op de grond dat Eurochemie met haar laatste grief het geschil in volle omvang aan het Hof ter beoordeling had voorgelegd.

De Hoge Raad oordeelt: “ bij de beoordeling van de klachten moet worden vooropgesteld dat aan grieven als eis wordt gesteld dat daarin de gronden die de appellant aanvoert ten betoge dat de besteden uitspraak behoort te worden vernietigd, behoorlijk in het geding naar voren worden gebracht, zodat zij voor de appelrechter en de wederpartij, die immers moet weten waartegen zij zich heeft te verweren, voldoende kenbaar zijn (HR 5 december 2003, nr. C03/124, NJ 2004, 76). Een algemene grief om het geschil in volle omvang aan de appelrechter voor te leggen, is daartoe niet voldoende, aldus de Hoge Raad. 

De Hoge Raad oordeelt: “Dit oordeel (van het Hof) is onbegrijpelijk in het licht van de omstandigheden dat: (a) de veroordeling in eerste aanleg is uitgesproken op zowel de merkenrechtelijke als de handelsnaamrechtelijke grondslag; (b) geen van de grieven van Eurochemie in hoger beroep is gewijd aan de handelsnaamrechtelijke grondslag van de vordering; (c) Eurol in haar memorie van antwoord, onder het opschrift “Omvang hoger beroep” heeft gewezen op het ontbreken van grieven tegen het bestreden vonnis voorzover het op de handelsnaamrechtelijke grondslag berustte (…); (d) de maatstaven aan de hand waarvan inbreuken op merkrechten en handelsnaamrechten moeten worden vastgesteld deels uiteenlopen (...).

De Hoge Raad vernietigt het arrest van het Gerechtshof te Arnhem en verwijst het naar het Gerechtshof te ’s-Hertogenbosch ter verdere behandeling van de beslissing. Lees het arrest hier.

IEF 1013

Maak af: Canna...

Rechtbank 's-Gravenhage, 5 oktober 2005, KG 05/1117, Canna - Alpha Nova. Kort geding vonnis in een merkenzaak.

Eiser in dit kort geding handelt in de verkoop van meststoffen voor de teelt van hennep. Gedaagde heeft een testkit ontwikkeld voor de analyse van werkzame stoffen in hennep en heeft hiervoor het merk CANNALYSE gedeponeerd. Eiser acht dit in strijd met zijn merk- en handelsnaamrecht en vordert ook de overdracht van de domeinnaam www.cannalyse.com.

Zoals gebruikelijk worden alle relevante omstandigheden in aanmerking genomen bij de beoordeling van de overeenstemming. De rechtbank komt allereerst tot het oordeel dat het woordelement CANNA van huis uit nauwelijks onderscheidend vermogen toekomt, met name door het verwijzende en beschrijvende gebruik. Vervolgens dient de vraag of het merk CANNA onderscheidend vermogen heeft verworven door bekendheid in de markt. "Bij de beoordeling dient rekening te worden gehouden met de perceptie van het in aanmerking komende publiek. Het algemene publiek zal het merk CANNA wellicht niet gemakkelijk herkennen als een verwijzing naar cannabis. Voor dat publiek is dat immers een product waar het weinig ervaring mee heeft. Dit ligt anders bij de doelgroep van eiseres en gedaagde. Van deze doelgroep [...] mag worden verondersteld dat die veel informatie over cannabis over zich heen krijgt en afroept [...]. Dit voert tot het voorlopig oordeel dat het woordelement CANNA in de betreffende branche een zekere bekendheid als merk heeft gekregen. Door inburgering is daardoor zeker, zij het dan gering, onderscheidend vermogen ontstaan."

"[...] voorshands oordelend [kan], niet worden gezegd dat het door gedaagde gebruikte teken CANNALYSE overeenstemt met één van de merken waarop eiseres zich in dit kort geding beroept. Daartoe is redengevend enerzijds dat niet is gebleken dat aan het woordelement CANNA van de merken van eiseres van huis uit dan wel door inburgering in voldoende mate onderscheidend vermogen toekomt, terwijl anderzijds door de wijze waarop gedaagde het woord CANNA gebruikt - te weten in combinatie met het achtervoegsel LYSE - de totaalindruk van het merk en teken zodanig verschilt dat verwarringsgevaar in vorenstaande zin niet op voorhand aannemelijk is." Zowel de merkenrechtelijke grondslag als de grondslag ontleend aan het handelsnaamrecht falen. Ook levert het gebruik van het teken CANNALYSE geen onrechtmatig handelen jegens eiseres op.

Lees hier het vonnis.

IEF 1006

We hebben een datum

Nog maar net bekomen van pakjesavond en de volgende spannende gebeurtenis dient zicht twee dagen later alweer aan.

Zojuist is bekend geworden dat vanaf 7 december organisaties, bedrijven en later zelfs individuen uit de verschillende lidstaten van de Europese Unie hun eigen domeinnaam met .eu extensie kunnen registreren. Dat heeft de Raad van Bestuur van .eudomeinbeheerder EURid beslist. Om hun domein te registreren moeten geïnteresseerden zich wenden tot een erkende agent.

Om deze historische operatie ordelijk te laten verlopen, heeft EURid in overleg met de Europese Commissie een systeem van gefaseerde registratie uitgewerkt, ook wel “Sunrise” genoemd.

Lees hier persbericht van EURid.

IEF 858

Psst...domeinnaampje kopen?

Nog meer domeinnaam nieuws: Novagraaf waarschuwt ondernemers voor toenemende activiteit van malafide 'handelaren' in domeinamen, waaronder het Britse protectareg.co.uk. De handelaren bellen een bedrijf met de mededeling dat derden een domeinnaam willen registreren die sterk lijkt op de naam van de onderneming. Vervolgens bieden de 'ambulante reprentanten' (met dank aan Van Kooten en De Bie) aan de domeinnaam voor de onderneming te registreren. Hierbij benadrukken ze dat het bedrijf snel moet handelen omdat het de domeinnaam anders kwijt is. Daarnaast trachten deze handelaren bestaande domeinnaamregistraties die reeds op naam staan van het benaderde bedrijf in handen te krijgen. Zie ook bericht Zibb.

IEF 856

Achtergelaten

Hyped bericht dat het gerucht dat Barend en van Dorp de domeinnaam barendenvandorp.nl bij hun voormalige werkgever RTL zouden moeten achterlaten vooralsnog op waarheid lijkt te berusten. Gisteravond bleek inderdaad dat het programma een nieuwe domeinnaam heeft: bvd.tv. De oude domeinnaam staat nog op naam van RTL.

Volgens Hyped is dat opmerkelijk, omdat ze 'het idee heeft dat Barend en Van Dorp de domeinnaam met hun eigen naam erin gemakkelijk hadden kunnen verkrijgen.' Maar of dat ook echt zo is? Hoewel het hier een uit twee eigennamen samengestelde domeinnaam betreft, doet de zaak een beetje denken aan de uitspraak in Carry Slee tegen Unieboek (vonnis hier) waarin de rechtbank Amsterdam bepaalde dat de domeinnaam carryslee.nl niet hoefde te worden overgedragen door de voormalige uitgever van de schrijfster. (Bron: Hyped)

IEF 807

Oud zeer (2)

De arbitragecommissie van het WIPO heeft bepaald dat de 88-jarige Brit Alfred Donovan de domeinnaam tellshell.org mag houden (eerder bericht hier). Opmerkelijk genoeg mag hij de domeinnamen royaldutchshellplc.com en royaldutchshellgroup.com, die naar de website tellshell.org verwijzen, ook houden. Shell vindt dat Donovan misbruik maakt van zijn merk en vreest voor verwarring onder internetters. Daarbij wil Shell graag zelf de 'Tell Shell' gebruiken om met zijn klanten wil communiceren. Volgens het WIPO is Donovan niet uit is op financieel voordeel en gebruikt hij bovendien zijn websites enkel om zijn recht op vrije meningsuiting uit te oefenen. Lees uitspraak.

IEF 804

Bankafschift

Bericht op de website bedrijvenbank.nl: "Op last van de Nederlandse Bank mogen wij de naam BedrijvenBank niet langer gebruiken. Men zou kunnen denken dat wij een bankinstelling zijn. U vindt onze site nu op www.bedrijvendatabank.nl. Pas dit adres aan in uw favorieten."

Soms is het toch jammer dat gesommeerden toegeven of dat zaken geschikt worden. Wat zouden de, kennelijk overtuigende, argumenten van De Nederlandsche Bank geweest zijn? Is bank een beschermde aanduiding en waar staat dat dan? En waar ligt de grens? Hebben botenbank.nl, schoolbank.nl en bloedbank.nl ook een brief gekregen? (Via Markeys)

IEF 764

UWV weer een stap wijzer

Het ANP bericht dat de voorzieningenrechter in Utrecht de Stichting Ikwilwerken heeft verboden de domeinnaam uwvwijzer.nl te gebruiken. Via haar website voert de stichting actie tegen het UWV, het instituut dat onder meer de WW en de WAO uitvoert. Het gebruik van de naam zou verwarrend zijn. De domeinnamen uwvverboden.nl en commentaaropuwv.nl mag de Stichting van de rechter gewoon blijven gebruiken. Lees hier iets meer.

IEF 724

Hoehel

Google ziet (vooralsnog) af van juridische stappen tegen hoehel.be, de Westvlaamse parodie op de zoekmachine, aldus Tweakers. Eerder werd wel aan de Antwerpse variant ‘Goegel’ offline gehaald. Google was gelet op het gelijkende logo, een identieke layout en de domeinnaam van mening dat er inbreuk werd gemaakt. De webmaster van hoehel.be had laten weten dat het slechts om een grappige voorpagina ging waar de uitbater geen enkele inkomsten uit haalt. Zelf je eigen parodie maken? Kijk hier.

IEF 712

Alsnog in de verkoop

De eigenaar van de domeinaam page.nl biedt de domeinnaam te koop aan. Drie jaren geleden was de domeinnaam nog onderwerp van een rechtszaak tegen Kimberley Clark. Cybernet, de domeinnaamhouder, ging het destijds om de Engelse naam voor pagina: ‘page’. De rechter gaf Cybernet destijds gelijk: "Page is een algemene term, het is een gangbaar woord in de Nederlandse, Franse en Engelse taal. In al deze talen heeft het woord 'page' de betekenis van 'pagina' (en 'knaap')".

Toch wil Cybernet van de domeinnaam af: "Binnen het bedrijf hebben we een nieuwe policy aangenomen en helaas was er geen plek meer voor page.nl." Kimberley Clark heeft reeds geboden. "Ja, ze hebben 8.850 euro geboden, een fles Dom Perignon en een bloemetje voor de vrouw des huizes. Ik moet er over nadenken. We hebben drie jaar geleden hard gestreden voor de domeinnaam.", aldus Cybernet.