Domeinnaamrecht  

IEF 23517

BREIN dwingt blokkade af van illegaal gameplatform

Rechtbank Rotterdam 4 feb 2026, IEF 23517; ECLI:NL:RBROT:2026:3464 (BREIN tegen DFN), https://ie-forum-be.minab.nl/artikelen/brein-dwingt-blokkade-af-van-illegaal-gameplatform

Rb. Rotterdam 4 februari 2026, IEF 23517; ECLI:NL:RBROT:2026:3464 (BREIN tegen DFN). In dit kort geding vordert Stichting BREIN dat internetprovider Delta Fiber Nederland de toegang blokkeert tot een website die op grote schaal illegale Nintendo Switch-games aanbiedt via downloadlinks. Het platform bevat een omvangrijke catalogus en maakt auteursrechtelijk beschermde werken gratis toegankelijk voor gebruikers.

IEF 23492

Uitspraak ingezonden door Marloes Smilde, Markedly

Gymshark blokkeert inschrijving “Sharkys Gym” wegens verwarringsgevaar met GYMSHARK-merk

BBIE 26 jan 2026, IEF 23492; N° 2020307 ((Gymshark Unlimited tegen Sharkys Gym)), https://ie-forum-be.minab.nl/artikelen/gymshark-blokkeert-inschrijving-sharkys-gym-wegens-verwarringsgevaar-met-gymshark-merk

BOIP, 26 januari 2026, IEF23492, IEF-BE4195, N° 2020307, (Gymshark Limited tegen Sharkys Gym). In deze procedure staat Gymshark Limited tegenover Sharkys Gym. Laatstgenoemde had een Benelux-aanvraag ingediend voor een gecombineerd woord-/beeldmerk “SHARKYS GYM” voor sport- en fitnessdiensten in klasse 41. Gymshark stelde oppositie in op grond van drie oudere GYMSHARK-merken. Het Benelux-Bureau voor de Intellectuele Eigendom beoordeelt de oppositie om proceseconomische redenen uitsluitend aan de hand van het woordmerk GYMSHARK. Centraal staat de vraag of sprake is van verwarringsgevaar in de zin van artikel 2.2ter lid 1 sub b BVIE. Het Bureau past de vaste globale beoordeling toe, waarbij alle relevante factoren in onderlinge samenhang worden gewogen, waaronder de mate van overeenstemming tussen de tekens, de soortgelijkheid van de diensten, het onderscheidend vermogen van het oudere merk en het relevante publiek. Daarbij wordt uitgegaan van de gemiddeld geïnformeerde, omzichtige en oplettende consument, in dit geval het algemene publiek met een gemiddeld aandachtsniveau. Ten aanzien van de diensten stelt het Bureau vast dat de door Sharkys Gym aangevraagde sport- en fitnessdiensten in klasse 41 identiek dan wel sterk overeenstemmend zijn met de diensten waarvoor het woordmerk GYMSHARK is ingeschreven. Het gaat in beide gevallen om (onder meer) sport-, fitness- en trainingsdiensten. Het Bureau benadrukt daarbij dat deze vergelijking uitsluitend plaatsvindt op basis van de omschrijvingen in het register, zodat feitelijk gebruik – zoals het onderscheid tussen sportkleding en sportschooldiensten – buiten beschouwing blijft. Bij de vergelijking van de tekens staat de totaalindruk centraal, met bijzondere aandacht voor de onderscheidende en dominerende bestanddelen. Het woordmerk GYMSHARK zal door het relevante publiek worden opgevat als een samenstelling van “gym” en “shark”, waarbij “gym” beschrijvend is voor sportgerelateerde diensten en “shark” het meest onderscheidende element vormt. In het betwiste teken “SHARKYS GYM” geldt een vergelijkbare analyse: ook hier is “gym” beschrijvend, terwijl “sharkys” het meest onderscheidende woordelement is. Hoewel het teken daarnaast grafische elementen bevat, waaronder een gestileerde haaienkop en aanvullende tekst (“the leg day paradise”), zal het publiek zich met name richten op de prominente woordelementen.

IEF 23464

Doorlinken van <hirschmann.nl> naar Smartmedia-site met verwijzing naar Managed Cloud Tv levert sub b-merkinbreuk op

Rechtbank Den Haag 25 mrt 2026, IEF 23464; ECLI:NL:RBDHA:2026:7136 (Belden c.s. tegen IP Groep c.s.), https://ie-forum-be.minab.nl/artikelen/doorlinken-van-hirschmann-nl-naar-smartmedia-site-met-verwijzing-naar-managed-cloud-tv-levert-sub-b-merkinbreuk-op

Rb. Den Haag 25 maart 2026, IEF 23464; IT 5200; ECLI:NL:RBDHA:2026:7136 (Belden c.s. tegen IP Groep c.s.). De rechtbank oordeelt dat IP Groep, maar niet Smartmedia, inbreuk heeft gemaakt op de HIRSCHMANN-merkrechten van Belden c.s. door de domeinnaam <hirschmann.nl> van in ieder geval 13 september 2024 tot en met 30 januari 2025 te gebruiken als doorlink naar www.smartmedia.nl. Op die website stond de tekst “Ontdek in de tussentijd alvast onze Managed Cloud Tv oplossing”, waarbij dat onderstreepte gedeelte weer doorlinkte naar www.managedcloudtv.com, waar de Managed Cloud Tv-diensten werden aangeboden. De rechtbank acht zich bevoegd voor zowel de Uniemerken als het Beneluxmerk. Van sub a-inbreuk is geen sprake, omdat de domeinnaam niet identiek is aan de ingeroepen merken: het teken bevat de extensie “.nl” en het Benelux woord-/beeldmerk bevat bovendien het element “multimedia”. Wel is sprake van sub b-inbreuk. Door het doorlinken ontstond een verband tussen de domeinnaam en de aangeboden diensten, zodat sprake was van gebruik in het economisch verkeer ter onderscheiding van diensten. Het teken <hirschmann.nl> stemt visueel en auditief in grote mate overeen met de HIRSCHMANN-merken; “HIRSCHMANN” is het enige bestanddeel van de Uniewoordmerken en het dominante bestanddeel van het Benelux woord-/beeldmerk, terwijl “multimedia” en “.nl” van ondergeschikte, beschrijvende betekenis zijn. De rechtbank oordeelt verder dat de Managed Cloud Tv-oplossing overeenstemt met onder meer de waren en diensten in klassen 9 en 42 waarvoor het Uniewoordmerk van Hirschmann en het Benelux woord-/beeldmerk van Belden zijn ingeschreven. Zij overweegt uitdrukkelijk dat die diensten niet overeenstemmen met de waren en diensten waarvoor het Uniewoordmerk van Belden is ingeschreven. Omdat daardoor reëel verwarringsgevaar bestaat, in die zin dat het publiek kan menen dat IP Groep een officiële wederverkoper is of anderszins commercieel met Belden c.s. is verbonden, wordt het gevorderde inbreukverbod tegen IP Groep toegewezen. Smartmedia maakt volgens de rechtbank geen merkinbreuk, omdat op haar website zelf de HIRSCHMANN-merken of daarmee overeenstemmende tekens niet voorkwamen. De gevorderde verklaring voor recht wordt afgewezen wegens gebrek aan belang, en de rechtbank laat in het midden of ook een beroep op art. 2.20 lid 2 sub d BVIE zou slagen.

IEF 23448

Beschrijvende handelsnaam toch beschermd: Woonhub krijgt gelijk bij verwarringsgevaar

Rechtbank Oost-Brabant 31 mrt 2026, IEF 23448; ECLI:NL:RBOBR:2026:2053 (Woonhub tegen [gedaagden]), https://ie-forum-be.minab.nl/artikelen/beschrijvende-handelsnaam-toch-beschermd-woonhub-krijgt-gelijk-bij-verwarringsgevaar

Rb. Oost-Brabant 31 maart 2026, IEF 23448; ECLI:NL:RBOBR:2026:2053 (Woonhub tegen [gedaagden]). In dit kort geding staat de vraag centraal of het gebruik van de handelsnaam “WoonHub” door [gedaagden] inbreuk maakt op de oudere handelsnaam “Woonhub” van eiseres, een makelaarskantoor. [gedaagden] exploiteren een aannemersbedrijf en gebruiken (vrijwel) identieke handelsnamen en domeinnamen. De voorzieningenrechter stelt voorop dat op grond van artikel 5 Handelsnaamwet beslissend is of verwarringsgevaar te duchten is. Hoewel de handelsnaam “Woonhub” deels beschrijvend is, heeft deze door de combinatie met “hub” een (beperkt) onderscheidend vermogen. Gezien de vrijwel identieke handelsnamen, het opereren in dezelfde regio en binnen dezelfde vastgoedketen (makelaardij en bouw), en het gebruik van internet waardoor een breder publiek wordt bereikt, is verwarringsgevaar aannemelijk. Daarbij weegt mee dat concrete gevallen van verwarring zijn gesteld, onder meer via berichten van derden en online uitingen.

IEF 23377

Beschrijvende handelsnaam mist onderscheidend vermogen, geen sprake van verwarringsgevaar

Rechtbank Amsterdam 26 feb 2026, IEF 23377; ECLI:NL:RBAMS:2026:2028 (Experiencegift tegen Hotelgiftcard), https://ie-forum-be.minab.nl/artikelen/beschrijvende-handelsnaam-mist-onderscheidend-vermogen-geen-sprake-van-verwarringsgevaar

Rb. Amsterdam 26 februari 2026, IEF 23377; ECLI:NL:RBAMS:2026:2028 (Experiencegift tegen Hotelgiftcard). Experiencegift vordert in kort geding een verbod op het gebruik van de handelsnaam “Hotelgiftcard” door Hotelgiftcard, stellende dat deze naam verwarringwekkend overeenstemt met haar (oudere) handelsnaam “Hotelgift”. Beide ondernemingen bieden cadeaukaarten voor hotelovernachtingen aan. Daarnaast vordert Experiencegift overdracht van de domeinnaam en vergoeding van proceskosten. Hotelgiftcard voert verweer en stelt in reconventie onder meer dat Experiencegift onrechtmatig handelt door consumenten te betalen voor (positieve) reviews.

IEF 23323

Uitspraak ingezonden door Jesper Vrielink, Jeroen Boelens en Susanne Bijvank, CMS.

Rb. Amsterdam: geen verbod op handelsnaam Hotelgiftcard ondanks grote gelijkenis met Hotelgift

Rechtbank Amsterdam 26 feb 2026, IEF 23323; C/13/782572 (Experiencegift tegen Hotelgiftcard), https://ie-forum-be.minab.nl/artikelen/rb-amsterdam-geen-verbod-op-handelsnaam-hotelgiftcard-ondanks-grote-gelijkenis-met-hotelgift

Rb. Amsterdam 26 februari 2026, IEF 23323; C/13/782572 / KG ZA 26-70 MK/JD (Experiencegift tegen Hotelgiftcard). In dit kort geding vorderde Experiencegift een verbod op het gebruik van de handelsnamen HOTELGIFTCARD en HOTELGIFTCARD.COM, overdracht van de domeinnaam hotelgiftcard.com en nevenvoorzieningen, omdat Hotelgiftcard.com volgens haar inbreuk maakte op haar oudere handelsnaam Hotelgift in de zin van artikel 5 Handelsnaamwet en daarnaast onrechtmatig handelde. De voorzieningenrechter stelt voorop dat moet worden beoordeeld onder welke naam partijen hun onderneming daadwerkelijk drijven, of de namen slechts in geringe mate van elkaar afwijken en of daardoor, gelet op de aard van de ondernemingen, hun vestigingsplaats en alle overige omstandigheden, bij het publiek verwarring tussen die ondernemingen te duchten is. De rechter acht voldoende aannemelijk dat Experiencegift haar onderneming mede onder de naam Hotelgift drijft, ook al gebruikt zij die naam niet steeds eenduidig en soms ook als productaanduiding. Eveneens acht de rechter niet aannemelijk dat de wederpartij uitsluitend de naam Hotelgiftcard.com voert: in het normale taalgebruik wordt ook Hotelgiftcard gebruikt, terwijl de toevoeging “.com” vrijwel geen onderscheidend vermogen toevoegt. Vervolgens oordeelt de rechter dat Hotelgift en Hotelgiftcard slechts gering van elkaar afwijken, omdat het element “card” in deze context, beide ondernemingen verkopen hotelcadeaukaarten, nauwelijks onderscheidend is.

IEF 23160

Uitspraak ingezonden door Sabin Tigu en Evianne Roos, Ploum

SWITCH-merk geldig; merkinbreuk door gebruik ‘SwitchMe’ voor programma en supplementen, niet als handelsnaam

Rechtbank Den Haag 3 dec 2025, IEF 23160; ECLI:NL:RBDHA:2025:23115 (EHF tegen [partij B]), https://ie-forum-be.minab.nl/artikelen/switch-merk-geldig-merkinbreuk-door-gebruik-switchme-voor-programma-en-supplementen-niet-als-handelsnaam

Rb. Den Haag 3 december 2025, IEF 23160; ECLI:NL:RBDHA:2025:23115EHF (EHF tegen [partij B]). Nutrition B.V. en EHF Group B.V. bieden gezondheidsproducten en lifestyleprogramma’s aan rond het idee van de “metabolic switch” (overgang van suiker- naar vetverbranding). Voor dit concept is het Benelux-woordmerk SWITCH geregistreerd. De eerste registratie in 2024 stond op naam van een niet-bestaande vennootschap; in 2025 is het merk opnieuw ingeschreven op naam van EHF Group B.V. [partij B] exploiteert sportscholen en biedt een tiendaags trainings- en voedingsprogramma én voedingssupplementen aan onder de naam “SwitchMe”, met bijbehorende website en domeinnaam. EHF vordert een verbod op het gebruik van “SwitchMe” en diverse nevenvorderingen (opgave van afnemers en winst, recall, vernietiging, rectificatie en dwangsommen). [partij B] verweert zich onder meer met het argument dat de merkregistraties ongeldig zijn, dat EHF te kwader trouw heeft gehandeld, dat SWITCH beschrijvend en niet onderscheidend is, en dat EHF haar rechten heeft verwerkt.

IEF 23147

Verbod op gebruik PASSIESPORT wegens merkinbreuk op PASSA SPORTS

Rechtbank Den Haag 28 nov 2025, IEF 23147; ECLI:NL:RBDHA:2025:22649 (Passa Sports tegen Passiesport), https://ie-forum-be.minab.nl/artikelen/verbod-op-gebruik-passiesport-wegens-merkinbreuk-op-passa-sports

Rb. Den Haag 28 november 2025, IEF 23147; ECLI:NL:RBDHA:2025:22649 (Passa Sports tegen Passiesport). De voorzieningenrechter heeft in een kort geding tussen PASSA SPORTS B.V. en PASSIESPORT B.V. geoordeeld dat PASSIESPORT inbreuk maakt op de Uniemerken en Beneluxmerken PASSA SPORTS. Passa Sports exploiteert sinds 2019 detailhandel in sportartikelen (onder meer padel, tennis en hockey) en is houdster van het woordmerk PASSA SPORTS voor o.a. sportartikelen, kleding en detailhandelsdiensten. Passiesport, opgericht in 2025, wil in Breukelen een sportcentrum openen voor padel, pickleball en voetpadel en gebruikt daarvoor de naam en het logo PASSIESPORT, alsmede de domeinnamen passiesport.com en passiesport.nl. De rechter stelt voorop dat moet worden getoetst aan artikel 9 UMVo en artikel 2.20 BVIE: er is sprake van inbreuk indien merk en teken overeenstemmen voor (soort)gelijke waren of diensten en daardoor verwarringsgevaar bij het relevante publiek kan ontstaan. De voorzieningenrechter acht het merk en het teken visueel en auditief in aanzienlijke mate overeenstemmend: beide bestaan uit twee dominante delen (PASSA/PASSIE en SPORTS/SPORT) met negen van de elf letters gelijk. Het element SPORTS is beschrijvend, waardoor PASSA als fantasiewoord het onderscheidende en dominerende deel vormt; het verschil tussen PASSA en PASSIE is beperkt, net als tussen SPORTS en SPORT. Begripsmatige neutralisatie wordt verworpen, omdat “passiesport” geen duidelijke, vaste en onmiddellijk begrijpelijke betekenis heeft voor het relevante publiek. De diensten en waren worden als (ten minste) soortgelijk aangemerkt, omdat beide ondernemingen zich richten op recreatieve sporters en Passiesport in haar centrum ook sportartikelen (bijvoorbeeld ballen en gripjes) wil verkopen of verhuren, waarmee de detailhandel van Passa Sports en de activiteiten van Passiesport elkaar (gedeeltelijk) overlappen. Het relevante publiek, recreatieve sporters, wordt gezien als gemiddeld oplettend en het merk PASSA SPORTS heeft een gemiddeld onderscheidend vermogen. In samenhang leidt dit alles tot een reëel gevaar van directe en indirecte verwarring, mede omdat Passa Sports al samenwerkt met diverse sportcentra, zodat het publiek ten onrechte kan denken dat Passiesport aan Passa Sports is gelieerd.

IEF 23115

Toewijzing vorderingen Trade ID na geschil over franchise en domeinnamen

Rechtbank Overijssel 19 apr 2023, IEF 23115; ECLI:NL:RBOVE:2023:1506 (Trade ID tegen [gedaagden]), https://ie-forum-be.minab.nl/artikelen/toewijzing-vorderingen-trade-id-na-geschil-over-franchise-en-domeinnamen

Rb. Overijssel 19 april 2023, IEF 23115; ECLI:NL:RBOVE:2023:1506 (Trade ID tegen [gedaagden]). Trade ID heeft een franchiseformule ontwikkeld ter onderscheiding en exploitatie van winkels gespecialiseerd in fitnessapparatuur en -artikelen. Trade ID verwijt [partij B1] en [partij B2] dat zij hun verplichtingen uit de franchiseovereenkomst niet zijn nagekomen (onder andere het non-concurrentiebeding). Volgens Trade ID heeft zij daardoor schade geleden. In de hoofdzaak vordert Trade ID verklaringen voor recht, een verbod op (dreigende) inbreuk op haar handelsnaamrecht en overdracht van domeinnamen. Om de omvang van haar schade te kunnen vaststellen vordert Trade ID in het incident diverse gegevens van [partij B2], [partij B1] en [partij B4], op straffe van een dwangsom. 

IEF 23023

Geen aanhouding of schorsing in zaak over 123led-domeinnamen

Rechtbank Den Haag 17 sep 2025, IEF 23023; ECLI:NL:RBDHA:2025:17134 (Digital Revolution c.s. en Ledstores c.s.), https://ie-forum-be.minab.nl/artikelen/geen-aanhouding-of-schorsing-in-zaak-over-123led-domeinnamen

Rb. Den Haag 17 september 2025, IEF 23023; ECLI:NL:RBDHA:2025:17134 (Digital Revolution c.s. en Ledstores c.s.). Digital Revolution en 123led (samen: Digital Revolution c.s.) zijn een procedure gestart tegen Ledstores en haar bestuurder, wegens het registreren en gebruiken van 18 domeinnamen met daarin de elementen “123led” of “led123". Ledstores c.s. heeft op 14 mei 2025 een nietigheidsprocedure bij het EUIPO ingesteld tegen het 123led-Uniemerk. In de hoofdzaak vordert Digital Revolution onder meer overdracht van de domeinnamen, een wereldwijd verbod op gebruik van verwarringwekkend gelijkende tekens en schadevergoeding. Ledstores c.s. vordert in het incident dat de rechter zich (gedeeltelijk) onbevoegd verklaart over de vordering tot het opleggen van een wereldwijd verbod; de (hoofd)zaak schorst of aanhoudt totdat het EUIPO op de nietigheidsactie heeft beslist met veroordeling van Digital Revolution c.s. in de proceskosten.